
Het pakhuis van Spanjaard – een bijzondere overlevende aan de Hoofdstraat
Wie tegenwoordig door de Hoofdstraat van Hoogeveen wandelt, kan bijna niet om het opvallende hoge pand op nummer 227 heen. Met zijn vier verdiepingen, rondboogvensters en karakteristieke voorgevel wijkt het duidelijk af van de omliggende winkelpanden.
Het gebouw is een herinnering aan een tijd waarin het zuidelijke gedeelte van de Hoofdstraat er heel anders uitzag. Hier stonden vroeger meerdere grote pakhuizen van Hoogeveense ondernemers. Daarvan is er uiteindelijk maar één bewaard gebleven: het pakhuis van Spanjaard.
Gebouwd in 1879
Het pakhuis werd in 1879 gebouwd in opdracht van de Joodse zakenman B. Spanjaard. Hij behoorde tot een familie die verwant was aan de bekende Twentse textielfamilie Spanjaard.
Dat het gebouw inderdaad in dat jaar tot stand kwam, blijkt uit een advertentie in de Hoogeveensche Courant van 22 november 1879. Daarin kondigde B. Spanjaard aan dat op dinsdag 2 december de bouw van een nieuw pakhuis zou worden aanbesteed.
Het ging daarbij niet alleen om de bouwwerkzaamheden. Ook de levering van alle benodigde bouwmaterialen maakte deel uit van de aanbesteding. Bestek en tekeningen konden vooraf worden ingezien. Wie de architect van het markante gebouw was, is volgens historicus Jan L. Havinga helaas niet bekend.
Een grossierderij aan het kanaal
Spanjaard had in Hoogeveen een grossierderij in onder andere granen, koloniale waren, bakkerswaren, vetwaren en aanverwante artikelen. Voor zo’n onderneming was een groot pakhuis noodzakelijk.
De ligging was bijzonder gunstig. Door de Hoofdstraat liep in die tijd nog het kanaal. Schepen met handelswaar konden daardoor vrijwel voor de deur komen. De goederen konden vervolgens naar het pakhuis worden gebracht en over de verschillende verdiepingen worden opgeslagen.
We moeten ons de Hoofdstraat van rond 1880 dan ook niet voorstellen als de huidige winkelstraat. Water, schepen, bruggen, pakhuizen, handelaren en vrachten bepaalden voor een belangrijk deel het straatbeeld. Het pakhuis van Spanjaard was onderdeel van die bedrijvige handelsomgeving.
Bijna een eeuw pakhuis
Opmerkelijk is dat het gebouw zijn oorspronkelijke functie bijzonder lang behield. Volgens Havinga bleef het tot omstreeks 1970 daadwerkelijk als pakhuis in gebruik.
Rond die tijd kreeg de benedenverdieping een winkelbestemming. Daarmee begon voor het gebouw een nieuwe periode. De hoge verdiepingen erboven bleven echter mogelijkheden bieden voor andere activiteiten.
Zo werden er op de bovenverdiepingen soms tentoonstellingen georganiseerd.
Kunst tussen de oude pakhuisvloeren
Een bijzondere gebeurtenis vond plaats in 1979, precies honderd jaar nadat het pakhuis was gebouwd. De beeldend kunstenaar Toon Wegner uit Orvelte, die als docent verbonden was aan de Rotterdamse Kunstacademie, exposeerde toen in het gebouw.
Wegner raakte onder de indruk van het lijnenspel van de voorgevel. Die inspiratie verwerkte hij in een kunstwerk waarin de kenmerkende vormen van het pakhuis sterk vereenvoudigd werden weergegeven.
Het zegt iets over de bijzondere architectuur van het pand. Hoewel het oorspronkelijk een praktisch bedrijfsgebouw was, bezit de voorgevel een opvallende symmetrie en detaillering.
Een opvallende gevel
Vooral de hoogte maakt het voormalige pakhuis bijzonder. De gevel wordt beheerst door verschillende rijen rondboogvormige vensters. In het midden bevinden zich grotere openingen die herinneren aan de vroegere functie van het gebouw, toen goederen naar de hogere verdiepingen moesten worden gebracht.
Boven in de gevel bevindt zich het karakteristieke ronde venster.
Wanneer we de oude tekening uit 1992 vergelijken met het huidige gebouw, is goed te zien hoeveel van het oorspronkelijke gevelbeeld bewaard is gebleven. Ondanks de winkelbestemming is het gebouw nog altijd duidelijk herkenbaar als een 19e-eeuws pakhuis.
Een van de laatste herinneringen aan de handelsstraat
Dat het pakhuis er nog staat, is bijzonder. Volgens Havinga stonden aan het zuidelijke einde van de Hoofdstraat vroeger meerdere pakhuizen. Die zijn in de loop der jaren verdwenen.
Juist daardoor heeft Hoofdstraat 227 tegenwoordig extra historische waarde. Het gebouw vertelt niet alleen het verhaal van de familie Spanjaard, maar ook dat van Hoogeveen als handelsplaats aan het water.
Waar nu winkelend publiek door een vrijwel geheel gedempte en opnieuw ingerichte Hoofdstraat loopt, werden ooit schepen gelost en lagen voorraden handelswaar opgeslagen in hoge pakhuizen.
Het pakhuis van Spanjaard is daarvan een van de tastbare overblijfselen.
Van pakhuis naar winkelpand
Na ongeveer 1970 veranderde vooral de benedenverdieping geleidelijk in winkelruimte. In recentere jaren waren verschillende winkels in het markante gebouw gevestigd. Tegenwoordig is de oorspronkelijke handelsfunctie verdwenen, maar aan de buitenzijde is de geschiedenis nog verrassend goed afleesbaar.
Wie voor het pand staat en even omhoog kijkt, ziet daardoor veel meer dan een winkelgevel.
Hij kijkt naar een gebouw dat inmiddels bijna anderhalve eeuw Hoogeveense geschiedenis heeft meegemaakt.
Bronnen: J.L. Havinga, Het pakhuis van Spanjaard – Hoofdstraat 227, De Veenmol, 1992; Hoogeveensche Courant, 22 november 1879.

Dit is hoe het pand er in september 2026 uitziet.
